De steen in de vijver

HKU-fellow Michiel Schwarz pleit voor een nieuwe manier van kijken naar de toekomst. In plaats van die te zien als een planeet die op ons afkomt, moeten we hem meer zelf gaan vormgeven: ‘staging the future’. In deze cultuurtransitie spelen artistieke makers en ontwerpers volgens hem een belangrijke rol. Aankomende tijd onderzoekt hij met HKU’ers welke nieuwe paden we met elkaar kunnen bewandelen.

In zijn eerder verschenen manifest ‘Sustainism is the New Modernism’ (dat hij met creatief producent Joost Elffers in New York publiceerde) noemt Michiel deze veranderende cultuur ‘Sustainisme’. In het NRC betoogde hij dat de term weliswaar afstamt van het woord ‘sustainable’, maar over meer dan alleen duurzaamheid gaat. Hij betrekt er ook het veranderende medialandschap, internet en sociale media bij en signaleert een andere levensstijl: met meer verbondenheid, meer lokaal-gericht en duurzamer.

Cultuurmakers spelen in deze cultuuromslag volgens Michiel een belangrijke rol. 'Als de cultuur in transitie is, worden kunstenaars en ontwerpers de centrale spelers. Meer nog dan economen, politici of wetenschappers. Wanneer oude modellen niet meer werken en onze toekomstbeelden verschuiven krijgen creatieve makers de ruimte om met nieuwe inzichten te komen.' Volgens Michiel liggen hier kansen voor jonge makers: 'Ontwerpers hebben doorgaans oog voor de esthetische kant en kijken naar wie hun doelgroep is. De afgelopen tien jaar richten ze zich ook op de ecologische voetafdruk. Mijn pleidooi voor meer sustainistische ontwerpbenaderingen vraagt om aandacht voor andere kwaliteiten, zoals deelbaarheid en proportionaliteit: bevordert jouw ontwerp connectie tussen mensen of met de natuur? Kan jouw product op elke schaal geproduceerd worden of verliest het zijn waarde als het te groot wordt? Het zou interessant zijn als deze thema’s opgenomen worden in het programma van eisen wanneer je een product ontwerpt.'

Technologische cultuur
Al vroeg raakte Michiel gefascineerd door de veranderende maatschappij. 'Eind jaren 70 ben ik ‘Wetenschap, Technologie en Samenleving’ gaan studeren aan de Universiteit van Sussex, omdat ik geïnteresseerd was in de maatschappelijke en culturele impact van wetenschap en technologie. Zo’n opleiding als technieksocioloog bestond toen nog niet in Nederland. In het huidige internettijdperk zijn we ons meer dan bewust van de invloed die technologische ontwikkelingen hebben op de samenleving, ons leven en lichaam. Dat was toen wel anders. Technologie was iets voor ingenieurs en wetenschappers, niet voor sociologen en cultuurmakers die zich met maatschappelijke vragen bezighielden. Voor mij liggen die werelden niet uit elkaar, ze zijn innig met elkaar verweven, ik noemde dat onze ‘technologische cultuur’. Ik ben altijd al bezig met cross-overs: tussengebieden, waar bijvoorbeeld creative praktijken zich vermengen met stadmakersinitiatieven of het verduurzamen van een wijk. Dat is veel meer dan interdisciplinair of transdisciplinair.'

Toekomstmakers
Deze cross-overs vormen ook de leidraad binnen het fellowship van Michiel. 'De meest vernieuwende dingen ontstaan altijd in die tussengebieden. Elk gebied heeft natuurlijk zijn voorhoede die iets bijzonders doet, maar de innovatie, die komt bijna altijd vanuit een soort mengsel van disciplines. Ik wil graag kruisbestuivingen stimuleren tussen de verschillende schools en daarnaast het creatieve proces op gang brengen. Dat we met elkaar het gesprek aangaan rondom het thema ‘Staging the Future’. Je gooit als het ware een steen in de vijver en ziet wat er gebeurt, welke toekomstbeelden ontstaan en hoe we ‘toekomstmakers’ kunnen worden. Ik hoop dat de ontwerpers gaan nadenken over hun rol in de stad waarin ze leven, hoe ze kunnen bijdragen aan de publieke ruimtes en hoe ze daarvan hun podium kunnen maken.'