Het bespelen van je instrument is het belangrijkste onderdeel van de opleiding. Je krijgt wekelijks les in je hoofdvak. Iedere student krijgt daarnaast gedurende twee jaar klavecimbelles, om te leren begeleiden (volgens de regels van het basso continuo-spel) en om (eenvoudig) solorepertoire te leren kennen.
Naast individuele lessen krijg je theorielessen, coaching, groepslessen en ensemblelessen. Uitvoeringspraktijk wordt als een apart vak onderwezen. Tijdens de ensemblelessen, de projectweken en masterclasses breng je de historische uitvoeringspraktijk meteen in praktijk en krijgt vaak een speciale stijlperiode de volle aandacht. Projecten, korte cursussen en masterclasses sluit je meestal af met een concert, samen met je mede-studenten.
Lees meer over het studieprogramma.
Je kiest een van de volgende hoofdvakken:
* strijkinstrumenten: barokviool, barokaltviool, barokcello, viola da gamba en violone
* blaasinstrumenten: blokfluit, barokhobo, traverso, barokfagot/dulciaan, baroktrombone
* klavecimbel
Naast het hoofdvak kun je vanaf het tweede jaar binnen de instrumenten van de afdeling een bijvak kiezen. Je moet dan wel zorgen voor je eigen begeleiding, want de lessen correpetitie vervallen in dit geval.
Ieder jaar vinden er tal van projecten plaats. Juist in de projectweken leer je heel veel over een bepaald onderwerp. Componisten of een speciale stijlperiode staan dan centraal. Tijdens een kamermuziekproject krijg je extra veel coaching met je ensemble, en in het barokorkest train je weer andere muzikale vaardigheden.
Masterclasses, workshops, lezingen, kamermuziek en barokorkest vormen vaste elementen. Gastdocenten en docenten van het Utrechts Conservatorium zorgen voor de invulling van dit zorgvuldig samengestelde jaarlijkse programma.
Je bespeelt een instrument en hebt talent. Nu wil je van muziek je beroep maken. Je wilt de beste worden in je vak en bent dus kritisch op jezelf als het moet. Om te groeien als musicus wil je graag leren en sta je open voor de ervaringen van anderen.
Muziek is communicatie en jij wilt communiceren. Je liefde voor muziek deel je met je publiek tijdens een concert, met je medemusici in workshops, of tijdens lessen met je leerlingen. Je zoekt met je ensemble in een repetitie naar het best klinkende resultaat. En voor de toekomstige bezoekers van je concert stel je een boeiend programma samen.
Het zal misschien niet altijd even gemakkelijk zijn om in de muziek je brood te verdienen, maar dat je musicus wilt worden weet je zeker.
Het Utrechts Conservatorium onderhoudt veel contact met afgestudeerden en spelers in de beroepspraktijk. Daardoor sluit de opleiding goed aan op de praktijk. Van de afgestudeerden kan 80% leven als professioneel musicus, vaak in een combinatie van optreden en lesgeven.
Bij Nederlandse orkesten werken relatief veel afgestudeerden van het Utrechts Conservatorium. De belangstelling voor optredens waar muziek met een andere kunstvorm wordt gecombineerd (theater, literatuur, educatie, cross-over) neemt toe. Dit verbreedt het werkveld van de musicus.
De docenten zijn gerenommeerde musici met een grote betrokkenheid bij hun studenten en bij elkaar. Mede daardoor heerst er een zeer positieve sfeer. De afdeling Historische Instrumenten is relatief klein binnen het Utrechts Conservatorium. Je komt elkaar dus vaak tegen en leert elkaar zo snel kennen. Dat maakt het gemakkelijk om samen ensembles te vormen, ervaringen uit te wisselen en elkaar te stimuleren. En daar pluk jij straks de vruchten van!
De studie is een goede voorbereiding op de beroepspraktijk door het vele ensemblespel, projecten, regelmatige voorspeelactiviteiten en nauwe samenwerking met allerlei podia.
Voor meer informatie over deze opleiding kun je de open dag bezoeken of neem je contact op met de coördinator van de afdeling, Gerdien Tanja, via 030-2314044 of per e-mail.