HKU

Het project van... Manuel Wouthuysen

11 mei 2016


'Ik ben vooral op zoek naar praktische vernieuwingen'

Pianist Manuel Wouthuysen bevindt zich naar eigen zeggen in een driehoeksrelatie met twee vrouwen. De ene heet Klassiek, de ander Jazz. ‘De eerste vrouw houdt heel erg van witte chocolade, en de tweede juist van puur. Ik moet goed weten welke chocolade ik welke vrouw precies geef, anders kan er makkelijk een conflict ontstaan.’

 
Blijkbaar voelt Manuel dit feilloos aan. Binnenkort studeert hij namelijk aan HKU Utrechts Conservatorium af als klassiek- en jazzpianist; een combinatie waarvoor hij twee studies tegelijk heeft gevolgd. Maar welke vrouw was er eerst en welke blijft hij trouw? ‘Toen ik twaalf was speelde ik veel klassiek piano en meldde me aan voor een opleidingstraject voor jong talent. Helaas werd ik afgewezen. Dat was heel pijnlijk, want in de familie en in de buurt was ik dat jongetje dat zo goed piano kon spelen. Ik heb veel nagedacht: moet ik mezelf vastbijten in een bepaalde stroming, of zijn er andere richtingen die ik kan verkennen? Ik schreef me in bij een reeks jazz- en improvisatielessen, waar de pianist Walter Lampe doceerde. Een hele inspirerende man, die de stof niet op een schoolse manier benaderde. Hij duwde me niet in een hoek, maar gaf me de vrijheid om te spelen.’
 
Met deze ontluikende liefde voor jazz ligt een studie bij de opleiding Jazz&Pop voor de hand, maar toch herontdekte Manuel daar zijn interesse voor de klassieke kant. ‘Op de opleiding krijg je techniekles; je studeert klassieke werken om je techniek te verbeteren. Door dit vak kwam ik weer in contact met klassieke muziek en ben ik meer klassiek dan jazz gaan studeren. Voor mijn technisch tentamen kreeg ik een goede beoordeling.  Mij werd gevraagd of ik niet een tweede hoofdvak wilde volgen: klassieke piano.’
 
Gewoon twee losse concerten
Wordt het afstudeerconcert van Manuel dan een fusie van klassiek en jazz? ‘Ik hoor wel eens mensen zeggen hoe interessant ze het vinden dat ik jazz en klassiek samenbreng. Maar ik breng niet per se iets samen, ik beoefen beide genres. Het klinkt misschien allemaal heel erg stoer, maar het zijn gewoon twee losse concerten. Ik ben namelijk niet op zoek naar de fusie, maar meer naar hoe de twee genres naast elkaar in de muzikant kunnen bestaan. Zoals ik al zei: ik ben hopeloos verliefd op twee ‘vrouwen’ en ik kan simpelweg niet kiezen.’
 
Geen fusie. Vernieuwing dan? ‘Ik ben vooral op zoek naar praktische vernieuwingen. Er is zoveel etiquette binnen de klassieke muziek, zoals dat je tijdens een concert niet mag klappen. Ik vind dat onzinnig. Ik snap dat bepaalde stukken een drieluik zijn en dat spanning moet worden vastgehouden. Maar soms zijn individuele delen zó sterk dat je best even mag applaudiseren. Nog een ander voorbeeld is dat ik graag tegen mijn publiek praat. Bij klassieke concerten is dat niet de bedoeling, maar ik doe het toch. Ik vind het spannend om zulke gewoontes te doorbreken. Het lijkt zo misschien alsof ik weinig vernieuwingsruimte heb, maar je moet het zien alsof ik in een klein bootje zit. Als ik met het bootje op de oceaan vaar, is een beweging naar links of rechts niet interessant. Maar in een smalle sloot, zoals je doet met het bespelen van klassieke muziek, dan is elke minieme beweging ontzettend belangrijk. In die subtiliteit zoek ik de vernieuwing.’
 
Hoogstens een ambachtsman
Het lijkt allemaal zo normaal, twee concerten met wellicht subtiele vernieuwingen. Ondertussen krijgt Manuel wel een dubbel diploma uitgereikt. Een klein wonder? ‘Ik vind dat we het niet groter moeten maken dan het is. Een diploma is uiteindelijk niets meer dan een papiertje aan de muur. Als ik in een concertzaal achter de piano plaatsneem, zal er niemand zijn die eerst even mijn diploma wil zien. Sterker nog: wat als ik een dag voor de diploma-uitreiking naar Afrika vertrek, ben ik dan geen pianist meer? Ik heb een ambacht geleerd, net zoals de bakker heeft geleerd een prachtig brood te bakken. Dat maakt me geen wonderkind of zoiets, hoogstens een ambachtsman.’

Als een bakker brood bakt, dan moet Manuel Wouthuysen een bakker zijn die stiekem ook heeft geleerd hoe je paling rookt. Wat als hij toch een vrouw moet kiezen: jazz of klassiek? ‘Dat is echt een nare vraag. Ik zal heel gemeen zijn en voor jazz gaan; een muziekstijl die constant evolueert. Bovendien kan ik in jazz de harmonieën van Ravel en andere klassieke grootheden verwerken. Andersom kan dit niet omdat de klassieke stijl hermetischer is. Als ik Chopin, Schumann en anderen stiekem in de jazz opneem, heb ik toch beide vrouwen bij me.’
 

tekst Yvo Nafzger beeld Manuel Wouthuysen