HKU

'Maar very interesting is bepaald niet very interesting.'

Arts

Nederlanders hebben een love affair met het Engels. We doen niets liever dan een Nederlands woord vervangen door het Engelse equivalent. Dat schrijft Ronald van de Krol, een in Nederland wonende Amerikaan, in het boekje Native English for Nederlanders, a Personal, Cultural and Grammatical Guide. Waarom doen we dat eindelijk? Ik vrees dat we de wereld graag mooier willen maken dan ze is. Staycation geeft de meeste mensen toch meer vakantiegevoel dan thuisblijven. Native speakers van het Engels krijgen ook nauwelijks de kans om Nederlands te leren, want we willen o zo graag laten zien hoe goed we Engels spreken ... Helaas! Nederlanders overschatten hun vaardigheden op dit gebied. Met letterlijke vertalingen kom je er echt niet. Neem bijvoorbeeld de volgende grap: ‘What's the difference between a hippo and a zippo? A hippo is very heavy, a zippo is a little lighter.’ Als je hem letterlijk vertaalt blijft er niets van over. Gamaliel Bradford had gelijk toen hij schreef: ‘De beste vertaling is niet die het meeste op het origineel lijkt, maar die er het meeste van afwijkt.’ Een grap van de cabaretier Fons Jansen (1925-1991) komt qua effect waarschijnlijk het meest in de buurt van het Engelse origineel: ‘Wat is het verschil tussen God en de dominee? God is goed, dominee is beter.’


We overschatten niet alleen onze eigen vaardigheden, een boekje als I Always Get My Sin zegt meer dan genoeg, we onderschatten ook enorm het effect van de culturele aspecten in de taal die zo vertrouwd lijkt. In het Nederlands communiceer je direct. In het Engels niet. Bijzonder interessant is inderdaad bijzonder interessant. Maar very interesting is bepaald niet very interesting. Als je een dergelijk compliment krijgt, is je idee rijp voor de kliko. Een taal gaat samen met een bepaalde mindset, of we dat nou leuk vinden of niet. Zou er nog één organisatie of onderneming in Nederland te vinden zijn met een afdeling personeelszaken nu de 'humanresourcesafdeling' officieel is opgenomen in de Nederlandse spellingbijbel? Resources zijn hulpbronnen. Het mensdom lijkt zichzelf het privilege te hebben verleend om overal ter wereld de beschikbare hulpbronnen schaamteloos uit te putten. Of ze nou menselijk zijn of niet, hulpbronnen blijven hulpbronnen ... The devil is in the details.


Ik weet niet hoe het bij jullie is, maar ik vergeet nog weleens dat we een love affair met het Engels hebben. Terwijl ik de juiste spelling zocht van een woord viel mijn oog op 'managementfee'. Managementfee? De figuur waar ik aan denk wordt in Van Dale omschreven als ‘met tovermacht begaafd bovenaards wezen, vaak als vrouwengedaante voorgesteld’. Ik ben oprecht verbaasd dat de managementfee een positie heeft veroverd in Het Groene Boekje. Heeft het management echt een fee nodig? Wat moet ik me voorstellen bij het sprookje waarin zij de hoofdrol speelt? Het moge duidelijk zijn: ik las fee (met een ‘ee’) tot de berg kwartjes viel ... er staat natuurlijk geen ‘fee’ maar ‘fie’: Engels voor honorarium. Nog even en we hoeven niet meer naar het buitenland omdat we het al geïmporteerd hebben. De “mcdonaldisering” zet door ... Voor de goede orde, dit is geen verzinsel van mij. Het begrip wordt in de jongste driedelige editie van Van Dale als volgt omschreven: ‘het homogeen worden of maken van verschillende culturen, bijvoorbeeld de eetcultuur, genoemd naar de Am. hamburgerketen McDonald's die wereldwijd gelijkvormige producten aan de man brengt.’


Wij, HKU'ers, kunnen er ook wat van als het om de love affair met het Engels gaat. De kans dat we bij 'arts' eerst aan de kunsten denken en pas daarna aan 'de medicus' is vrij groot. Mijn confrontatie met de managementfee herinnerde me eraan hoe ik tijdens de vorige editie van het Nederlands Filmfestival (NFF) op de trappen van het Louis Hartlooper Complex in gesprek raakte met HKU-alumnus Rolf van Eijk. Zijn film noir over jazzlegende Chet Baker had ik net voor de tweede keer gezien. Er waren me nu allerlei details opgevallen die me een jaar eerder, toen de film in première ging, waren ontgaan. The devil is in the details. Het begint al bij de titel: My Foolish Heart. Zouden alle creatieve makers beschikken over een foolish heart? Ik vraag het me serieus af zodra Rolf mij vertelt dat zijn film hem niet alleen waardering en aandacht heeft opgeleverd, maar ook een burn-out. Met Chet Baker in gedachten komen we tot de conclusie dat ‘de kunsten’ misschien niet altijd de meest gezonde sector zijn. Onderweg naar huis passeer ik een parkeervak voorzien van een blauw bord. Daarop prijkt het woord Arts in combinatie met een esculaap. Inderdaad geen gezonde business ... Pas dan realiseer ik me dat 'arts' hier natuurlijk niets anders is dan het Nederlandse equivalent van ‘dokter’. Ik troost me met de gedachte dat de kunsten tenminste één voordeel hebben boven alle andere sectoren: degenen die zich ermee bezighouden hebben de pest aan mcdonaldisering! Zonnige zomer gewenst. Ik ga even mens zijn!