HKU

HKU-Column maart 2018

Hoe zouden onze studenten hiernaar kijken als ze al kijken?

Mies

Hoe leg je vroeger uit? Nog nooit heb ik me dat zo duidelijk afgevraagd als de laatste maandagavond van februari. Hoe zouden onze studenten hiernaar kijken als ze al kijken? Want tv schijnt anno nu iets te zijn voor oude mensen. Ik zal mij – of ik dat nu leuk vind of niet – dus moeten scharen onder de oude mensen. Want ik ben dol op tv! Daar heb ik zo mijn redenen voor. Het journaal op België één meldt dat Nederland in rouw is. Een heel land in rouw? Dan moet er wel iets gebeurd zijn in het koningshuis. Niet? Nee, de koningin van de Nederlandse televisie is overleden. Ik vrees dat onze studenten na het lezen van de vorige zin ernstig zijn gaan twijfelen aan mijn verstandelijke vermogens. De koningin van de Nederlandse televisie??? Ik zal het nog erger maken: de onderkoningin van Nederland. Een hele periode was ze zelfs populairder dan de koningin met wie ze een belangrijk kenmerk gemeen had: haar voornaam was genoeg. Had iemand het over Juliana of Beatrix dan kreeg hij nooit de vraag: 'Welke bedoel je?' Hetzelfde gold voor Mies. Er was maar één Mies. Die mevrouw van 88 waar ineens alle programma's aandacht aan besteden? Ja, die. Hoe leg je vroeger uit? Een mission impossible! Een verhaal zegt niets over hoe het voelde en wat het betekende. Vroeger is niet uit te leggen, maar toch ga ik het proberen.

 

'Nadat de auto is volgepropt moeten de kinderen alles inleveren. Snel worden er nog wat afscheidsappjes in groepen geplaatst. Onze digital natives leggen hun apparaten bij elkaar op de grond en staan er wat sullig omheen', aldus een (stief)moeder van een samengesteld gezin in Volkskrant Magazine van 25 februari over het begin van een weekendje digitaal detoxen in het noorden van Friesland. Tegenwoordig heeft iedereen op elk moment zijn eigen onmisbare schermpje bij de hand. Je kunt je bijna niet meer voorstellen dat er in Nederland op 2 oktober 1951, de avond van de eerste tv-uitzending, ongeveer vijfhonderd televisietoestellen te vinden waren. In vergelijking met Amerika en Engeland duurde het relatief lang voor Nederland massaal aan de televisie ging en voor de televisie hing. Het archief van het programma Andere Tijden meldt: 'Niemand zat te wachten op een duur, nieuw medium. Zeker de regering niet. Er was toch al radio, er was toch al film?' Er waren niet alleen economische argumenten. In een reclameboekje uit 1949 schrijft Philips: ‘TV is niet tevreden met het halve oor, dat ge uw radio leent. TV is een aantrekkelijke, boeiende jongedame, die honderd procent van uw aandacht opeist. Ze is radicaal. Als ge eenmaal de knoppen van uw TV toestel hebt omgedraaid, en ge op uw wereldvenster een voetbalreportage, een toneeluitvoering, een cabaret of een spannende film ziet, dan praat ge niet verder met uw vriend. Dan laat ge uw krant rustig op tafel liggen, en als ge tot het zwakke geslacht behoort blijft uw breiwerk stil en verwaarloosd in het mandje liggen.’ Fout! Verderfelijk!

 

Sorry, mag ik even grinniken bij dat breiwerk in dat mandje? Ik ken een vrouw die me zojuist heeft bekend dat ze in de nacht van 26 op 27 november 1962 een paar groen-met-zwarte Noorse sokken heeft gebreid terwijl ze de hele nacht heeft zitten kijken naar een drieëntwintig uur durende marathonuitzending die dé aanleiding was geweest voor haar en haar man om een televisie aan te schaffen. Geen geringe uitgave. De eerste tv's waren zo duur dat de cabaretier Wim Kan de tv-antennes die op de daken stonden en destijds nodig waren om überhaupt ontvangst te hebben, omschreef als "kredietharken". Het echtpaar, dat een gehandicapt kind heeft, keek naar het eerst grote geldinzamelingsprogramma op de Nederlandse televisie: "Open Het Dorp". Het geld was bedoeld voor een te stichten "woongemeenschapwijk" waar lichamelijk gehandicapten zelfstandig zouden kunnen wonen. De Nederlandse televisiekijkers (en radioluisteraars) brachten 12.192.000 gulden bijeen. Kwartjes, dubbeltjes en stuivers in lucifersdoosjes. (Dus niet: ik maak volgende week wel even geld over.) Ik denk dat we relatief gezien nooit meer zo gul zijn geweest als toen. Nou ja, "we"? Ik ben dan om precies te zijn twee jaar en negen dagen.

 

De marathonuitzending werd gepresenteerd door ene Mies Bouwman. De Mies die ineens "Mies" was. Die als omroepster (iemand die je de line-up van de tv-avond gaf) begin 1954 het Nederlandse volk had toegesproken met de woorden: 'Hier is de Nederlandse Televisiestichting (NTS), Hilversum Nederland. Namens de Nederlandse televisiekijkers wensen wij al onze buitenlandse vrienden veel heil en zegen voor het jaar 1954. We hopen dat televisie de band tussen de volkeren zal verstevigen opdat vrede en vrijheid eens in de toekomst duurzame begrippen zullen zijn voor alle mensen op aarde. We wensen u een goed zicht.' Dankzij de televisie krijg ik als kind al zicht op allerlei zaken die anders onbereikbaar zouden zijn. Het is letterlijk het wereldvenster uit de brochure van Philips. Televisie opent het dorp dat wereld heet. Mies, bedankt! Want die vrouw van de Noorse sokken is mijn moeder en dat kind ben ik ...


Lambertha Souman is redactioneel medewerkster bij HKU. Daarnaast is zij tekstschrijver in de breedste zin van het woord (liedteksten, poëzie, artikelen, brochures, folders).

lambertha.souman@hku.nl