HKU

HKU-Column november 2019

'Het is weer een stukje van een verhaal. Uiteindelijk bestaan we allemaal uit verhalen.'

Snoer

'Geachte collega, neemt u me deze onpersoonlijke aanhef alstublieft niet kwalijk. Het betreft hier een uiterst dringende kwestie, en ik richt me in deze brief niet alleen tot een aantal vooraanstaande wetenschappers, maar ook tot enkele toonaangevende figuren in de industrie, de medische wereld, de landbouw en de kunsten. In alle gevallen gaat het hierbij om mensen die werk doen waar ik een hoge dunk van heb, en met wie ik op later datum op een wat persoonlijker niveau in contact hoop te kunnen treden. (...) Drie maanden geleden heb ik samen met een groep gelijkgestemde collega's een werkgroep gevormd om te onderzoeken welke noodmaatregelen we dienen te treffen om voorbereid te zijn op een systemische instorting van de technische beschaving.' Dit fragment is afkomstig uit de nieuwste roman van de Britse schrijver Robert Harris, "De Tweede Slaap". Even eerder hebben we kunnen lezen dat er een uiterst belangwekkende ontdekking is gedaan tijdens de opgraving van het massagraf bij Winchester. Er is een plastic doos opgegraven met correspondentie. 'Helaas is er vocht bijgekomen, zodat het grootste deel van het materiaal onleesbaar is. Eén brief was echter in een afgesloten plastic hoes verpakt, en deze werd in vrijwel perfecte staat aangetroffen.' De datum erboven: 22 maart 2022 ...

 

Hoe nu verder met deze kostbare vondst? Ik ga het antwoord niet geven. Dat doet Harris in de overige 289 pagina's van zijn intrigerende en tot nadenken stemmende roman. De vraag is slechts een bruggetje en heeft geen betrekking op Harris' fictieve maar zeer voorstelbare ontdekking. Hij wordt 14 november letterlijk gesteld aan Jos Schillings van het HKU Utrechts Conservatorium door een journaliste van het Algemeen Dagblad, naar aanleiding van een heel andere vondst. Muren hebben niet alleen oren, maar herbergen soms ook onvermoede schatten. Bij de verbouwing van de receptie kwam er een tijdscapsule tevoorschijn met daarin een brief uit 1895. Dankzij de onbedwingbare behoefte van de schrijver om het verhaal over een genereuze schenking van 150.000 gulden door jonkheer Karel Bosch niet verloren te laten gaan, kennen wij nu de geschiedenis van het gebouw. Oorspronkelijk deed het dienst als het ziekenhuis van de Broeders van Barmhartigheid: St. Joan de Deo. Schillings heeft gelijk als hij zegt: 'Ik vind het prachtig. Het is weer een stukje van een verhaal. Uiteindelijk bestaan we allemaal uit verhalen.'

 

De Broeders van Barmhartigheid moeten in de wolken zijn geweest met het astronomische bedrag waardoor de bouw van het ziekenhuis mogelijk werd. Anno 2019 hebben we niet zo veel redenen om in de wolken te zijn over ziekenhuizen. Ze komen geld tekort, sluiten afdelingen of gaan helemaal failliet. We zijn überhaupt niet in de wolken. Wij zijn massaal in de wolk, of in hedendaags Nederlands: de cloud. Wat betekent dit voor onze verhalen? Even terug naar Robert Harris: 'Het was dunner dan zijn middelvinger, kleiner dan zijn hand, zwart, glad en glanzend, en gemaakt van glas en plastic. Nu het op zijn handpalm lag, voelde het prettig zwaar en stevig aan. Hij vroeg zich af van wie het geweest was en hoe de pastoor eraan gekomen was. Wat voor beelden zou het ooit overgebracht hebben? Welke geluiden had het ooit laten horen? Hij drukte op het knopje aan de voorkant, alsof hij het daarmee op wonderbaarlijke wijze tot leven zou kunnen wekken, maar zag niet meer dan zijn eigen weerspiegelde gezicht, dat in het kaarslicht wel een spookverschijning leek. Hij keerde het voorwerp om. Op de achterkant stond het ultieme symbool van de hoogmoed en godslastering van de Ouden: een appel met een hap eruit.' Dit is niet het enige apparaat ‘met het symbool van de appel met een hap eruit’. Er is nog een ander exemplaar: 'het liet zich als een boek openslaan. De ene helft bestond uit een glasplaat, en op de andere zaten verschillende rijen vierkantjes van zwart plastic, elk met een letter van het alfabet erop.' Helaas heb je er helemaal niets aan 'zonder de geheime kracht van de elektriciteit om ze weer tot leven te wekken ...'

 

In "Geschreven Geschiedenis" bracht Simon Sebag Montefiore brieven bijeen die de geschiedenis veranderden. In Trouw van 26 oktober jongstleden citeert hij Goethe: 'Een brief is het meest veelzeggende wat een mens kan nalaten.' Als je aan de tijdscapsule denkt, heeft Goethe zonder meer het gelijk aan zijn zijde. Was er in 1895 een cloud geweest, hadden we dan geweten wat we nu weten? In zijn jongste roman bekijkt Harris onze moderne samenleving door de ogen van een archeoloog. Wat gaat hij vinden? Gáát hij nog wel iets vinden? 18 augustus jongstleden vertelde Maxim Februari in Zomergasten net terug te zijn van de Biënnale in Venetië: 'Wat me opvalt is dat er tegenwoordig aan alle kunst een snoer zit ...' Hoe is dat eigenlijk bij ons? We propageren duurzaamheid aan de lopende band, want we willen o zo graag duurzaam zijn. Maar welke definitie hanteren we dan? Als de tijdscapsule ons één ding leert, is het wel dat letters mét snoer het in dat opzicht altijd zullen verliezen van letters zónder snoer ...

Lambertha Souman is redactioneel medewerkster bij HKU. Daarnaast is zij tekstschrijver in de breedste zin van het woord (liedteksten, poëzie, artikelen, brochures, folders).

lambertha.souman@hku.nl