HKU

Midas is twee keer toegelaten tot Image and Media Technology, de tweede keer ging hij ook echt. Hij bouwt het complete decor voor een animatiefilm – in zijn kamer.

Midas (22), HKU Media, student Image and Media Technology

Via omweg terug

Ik was al toegelaten voor IMT, maar in de zomervakantie ging ik twijfelen. Ik dacht, oké, ik ben nu achttien, dus dan ben ik tweeëntwintig en afgestudeerd. Toen raakte ik in paniek van ‘wil ik dit wel’. Niet zozeer ‘wil ik wel een toe- komst in de kunsten’; de paniek was dat je voor één ding wordt opgeleid en dat de rest van je leven gaat doen. Dus dacht ik: ik ga lekker Media en Cultuur op de universiteit doen, dat is veel breder. Daar ben ik toen voor de studentenvereniging in de promotiecommissie gegaan, die alle filmpjes en posters enzo maakte. Maar in de loop van het jaar kwam ik erachter dat ik dat veel leuker vond dan studeren.

Toen besloot ik om weer toelating te doen, omdat de opleiding dus toch wel bij me aansloot. Film, animatie, fotografie ... dat had ik in die promotiecommissie allemaal aangeraakt, en dat komt in deze studie samen. Mijn beeld dat je voor één ding wordt opgeleid klopte dus ook helemaal niet. Je kunt ergens lead designer worden, je kunt van die Lucky TV-filmpjes maken, je kunt visuals maken op allerlei plekken ... eigenlijk kun je hiermee juist alles doen wat je wilt. Je zou kunnen zeggen: je bent vormgever van bewegend beeld. Hoewel het eerste jaar heel veel om stilstaand beeld draait, dat is een basis voor ons. Maar in principe word je geen dtp’er bij een tijdschrift ofzo. Videoclips, leaders en trailers bijvoorbeeld, zijn wel typisch IMT.

Tools en het verhaal

Dit jaar heb ik geleerd dat het gaat om de tools die je worden aangereikt en het verhaal dat je zelf wilt vertellen, veel meer dan om de techniekjes. Voor een opdracht heb ik bijvoorbeeld tien vrienden en kennissen gefotografeerd en gevraagd of ze een geheim met mij wilden delen. Vervolgens maakte ik een foto, en daaroverheen tekende ik op een transparante sheet dat geheim. Iemand was bang voor de dood; hij stond neutraal op de foto, maar achter hem had ik de dood getekend, met een kap en een zeis.

Ik vind het leuk om met zo’n project bij te dragen aan een groter geheel, het draait niet zozeer om mijn ego als interessante kunstenaar. De meeste mensen hier zijn zo. Dat is gerelateerd aan het werkveld: deze studie is redelijk praktisch en toegepast. Motion graphic designer willen veel mensen bijvoorbeeld wel worden. Dan maak je de dingen die je niet kunt filmen, maar die je echt moet knutselen met je beeld. Dat kunnen special effects zijn, maar ook titelsequenties, teksten, animaties enzovoort. Het moet dus altijd al bij iets aansluiten.

Ontdekkingstocht

Ik vind het heel erg leuk aan deze studie dat je zoveel dingen uitprobeert. Het is echt een soort ontdekkingstocht. Wat wij nu vooral leren is om met concepten te werken, dat heeft ook al een beetje met je rol later in het werkveld te maken. Je bent er voortdurend mee bezig dat alle elementen op elkaar aansluiten, dus de vorm, de inhoud en de context en het publiek. We moesten laatst voor het maken van een filmpje met zo’n concept werken. Nou, het project duurde acht weken, en volgens mij zijn we vijf weken bezig geweest om het conceptdocument op orde te krijgen. En die leraar ons maar terugsturen. Dat was wel een hele goeie. Niet van ‘jaaa, het klopt nog niet helemaal, maar dat zien we dan wel’.



Interview voor HKU 24/7 2014


Regisseur van eigen opleiding

Dat je op zo’n geconcentreerde manier na leert denken en het leert relateren aan jezelf, betekent sowieso dat je de regisseur van je eigen opleiding bent. Er zijn wel honderd routes die je kunt uitzetten, en dat mag je helemaal zelf doen. Daar word je wel in ondersteund door docenten, trouwens. Ze bevragen je als maker: welke dingen inspireren jou, welke werkwijzes vind jij fijn?
Dus: hoe ga ik dat pad voor mezelf uitstippelen? Het is denk ik ook belangrijk dat je je bewust bent van het werkgebied, dat je weet waar jij iets toe kunt voegen.

In zo’n brede studie is het wel belangrijk dat je duidelijk kiest. Je kunt je ook wel meer richten op de technieken en dan in twee of drie dingen heel goed worden. Maar in allebei de gevallen heb je besluitvaardigheid nodig. Als ik iets heb afgerond waarvan ik zelf weet dat het goed is, en waarvan andere mensen ook zeggen ‘wow, dat is cool’ ... dan voel ik echt een kick. Ik ben ook wel gericht op die publieke opinie. Dat past goed in het toegepaste element van deze studie denk ik; je maakt het voor mensen. Ik vraag me zelfs af, als ik twee dingen maak, en met het een ben ik zelf blij maar iedereen haalt zijn schouders erover op, en het andere vind ik zelf matig maar iedereen zegt ‘wow!’ - ik denk dat ik dan toch blijer ben met dat tweede. Maar dat is niet per se erg. Want - dan heb je gecommuniceerd. Toch? [lacht]