HKU

Volgens Tijmen Tio (27), gamedesigner, lag er tot voor kort altijd een soort taboe op gamen. “Mensen die spelletjes spelen werden vaak ‘gamer’ genoemd en daar paste een bepaald beeld bij”, aldus Tijmen. Maar dat begint te veranderen. “Ik heb het gevoel dat het steeds gangbaarder wordt om spellen te spelen.”

Tijmen Tio begon in 2013 aan de studie game design bij HKU. “Ik studeerde eerst product design aan een andere hogeschool, maar ik zat helemaal niet op mijn plek.” Toen hij merkte dat hij in zijn vrije tijd steeds vaker bezig was met programmeren en computerspellen maken, viel het kwartje. “Ik bedacht: dit zou ik de hele tijd kunnen doen.”

HKU bleek de enige kunstacademie te zijn die een dergelijke studie aanbood. “Andere hogescholen hadden wel game design, maar die richtten zich voornamelijk op het technische gedeelte”, aldus Tijmen. “Ik vond het interessant om meer over achtergronden te leren. Bovendien stond deze opleiding heel goed aangeschreven.” Zo kreeg hij naast de technische vakken als programmeren en grafisch ontwerp ook les over kunstgeschiedenis en consumentenpsychologie. “We leerden daar een manier van denken waar ik zoveel aan heb gehad.”

Schattig en experimenteel

Na zijn afstuderen startte Tijmen samen met drie vrienden een bedrijf: Sokpop. Klanten kunnen bij Sokpop een abonnement afsluiten, waarbij ze iedere maand twee nieuwe, kleine computerspellen ontvangen. Hiermee richten ze zich vooral op mensen die wel computerspellen willen spelen, maar er weinig tijd voor hebben. “Daarnaast zijn het vaak mensen die het niet alleen leuk vinden om spellen te ontvangen, maar ook in ons als klein bedrijf willen investeren”, vertelt hij. Dit concept geeft ze als ontwikkelaars de kans om er met kleine spellen snel achter te komen welke concepten aanslaan en welke niet.


Kenmerkend voor de Sokpopspellen is de schattigheid. “Sommige mensen maken vooral horrorgames. Onze spellen zijn met name schattig en experimenteel. Zo kijken onze klanten ook vaak naar ons”, lacht Tijmen. “Ik vind het niet erg, maar juist leuk.”

Ideeën vind je overal

Als er maandelijks twee nieuwe spellen gemaakt moeten worden, zou je verwachten dat de creativiteit soms opraakt. “Maar ideeën zijn nooit het probleem geweest”, legt hij uit. “Ideeën vind je overal: bij films, musea of zelf tijdens een wandeling in het park.” Vervolgens kiest Tijmen bij het maken van een spel een focus. “Soms wil ik iets visueels maken en met bepaalde kleuren werken. Andere keren wil ik juist met verschillende technieken aan de slag zoals een bepaald algoritme.” Hij zelf haalt graag inspiratie uit Chinese films. “Die bewegingen zijn uniek, heel sierlijk. Het gevoel dat ik krijg als ik die films kijk, wilde ik ook overbrengen in een game. Dat is lastig om te doen, maar ik denk persoonlijk dat het is gelukt.”


Waar ze als makers wel tegenaan lopen is het strakke tijdschema. “Met de deadlines die we hebben moet je heel snel iets kunnen maken. Dan is het oppassen dat je jezelf niet de gekte in werkt”, vertelt Tijmen.

Omarmen

Hoewel het taboe op gamen langzamerhand lijkt te verdwijnen, moeten ze als gamers soms toch nog het een en ander uitleggen. “Veel mensen zien spelen an sich niet als iets wat past bij het volwassen leven”, aldus Tijmen. “Maar dat is gek, want ik denk dat iedereen de hele tijd speelt met alles. Het hoeft natuurlijk ook niet alleen een video game te zijn. Als we spelen meer zouden omarmen, zou je misschien ook beter weten wat je leuk vindt.”



tekst ...

fotografie ...

“Ik heb het gevoel dat het steeds gangbaarder wordt om spellen te spelen.”

Lees meer over het werk van Tijmen en andere afstudeerders van Games en Interactie!

Lees verder