Interactive Performance Design and Games (IPDG) is de nieuwe naam voor Design for Virtual Theatre and Games (DVTG).
Bijna alle vakken worden in de vorm van projecten gegeven: je voert opdrachten uit die door de docenten worden begeleid en beoordeeld. Tijdens veel lessen ontwikkel je een concreet digitaal eindproduct, met als uitgangspunt een bepaald verhaal, een boodschap of een inhoud. Hierbij werk je ook veel samen.
In de eerste fase van de studie komen de opdrachten vanuit de opleiding. Later in de studie komen de opdrachten van externe partijen (via het projectenbureau van de faculteit Xchange) en worden de uiteindelijk gemaakte producten ook echt in de markt gezet.
In het eerste jaar krijg je een theoretische basis: in de vakken dramaturgie en theatergeschiedenis leer je de basisprincipes van theater kennen. Ook analyseer je games en maak je kennis met allerlei gamegenres. Andere vakken: softwarepakketten, verhalen vertellen, visualisatie, animatie, characterdesign, performance.
In het tweede en derde jaar wordt zelfstandig werken steeds belangrijker; in allerlei projecten ontwikkel je je verder. Je kunt stage lopen in het buitenland, iets dat handig kan zijn omdat een groot deel van je werkveld ook in het buitenland is. Ook kun je aansluitend aan het derde jaar een aantal masteropleidingen doen.
Verder kies je uit een divers aanbod van samenwerkingsprojecten 1 groot project. Hierin werk je met studenten van de andere opleidingen van de faculteit, al dan niet voor een opdrachtgever. Je doet onderzoek en maakt voorstellingen, installaties en/of theatrale events rondom 1 thema.
In het afstudeerjaar krijg je les over het werken als freelancer, het ondernemerschap en andere zakelijke kanten van je beroep. Daarnaast maak je een groepsopdracht en een individuele opdracht. De groepsopdracht heeft een externe opdrachtgever: je maakt bijvoorbeeld een onderdeel van een professionele theatervoorstelling of een game die wordt uitgegeven.
Omdat een groot deel van de arbeidsmarkt in het buitenland is, kun je ook stage lopen in het buitenland. Er zijn veel goede contacten, met bijvoorbeeld Zweden, Finland, België, de Verenigde Staten en Duitsland.
Na het behalen van deze studie krijg je de graad Bachelor of Art and Technology in Interactive Performance Design and Games, die je als BAT afgekort achter je naam kunt vermelden. Je mag ook de titel kunsttechnisch ingenieur (ing.) gebruiken.
Studenten van Interactive Performance Design and Games hebben een online game voor KetNet ontworpen. Deze game verbindt de televisiewereld van KetNet met het web en de echte wereld van de kijkers. Hierdoor kan KetNet haar publiek (meestal kinderen) niet alleen bedienen als ze voor de TV zitten, maar ze ook lekker buiten laten spelen.
Liselore Goedhart maakte als afstudeerproject de installatie Fonn. Fonn bestaat uit een interactieve tafel en een virtuele wereld. Door objecten op de tafel te verplaatsen, toe te voegen of weg te halen, beïnvloed je de virtuele wereld. Deze installatie is te zien geweest op festivals en in musea.
Joost Blatter en Merijn Vogelsang, afgestudeerde Interactive Performance Designers, werken respectievelijk als lead level designer en level designer bij Triumph. Dit gamebedrijf heeft met Overlord de eerste volwaardige next gen game van Nederland afgeleverd.
‘De HKU voelt persoonlijk,je bent een student en geen nummer. Ik vind de opleiding superleuk. Het is erg druk, maar ik heb nog nooit zoveel dingen geleerd in zo’n korte tijd. Dat komt ook door de steeds veranderende vakken die ik krijg.
De docenten weten veel en het programma zit goed in elkaar. Het leukste vak dat ik heb gevolgd is dramaschrijven. Daar leerde ik dialogen schrijven en deze werden dan voorgelezen door medestudenten. Ik vond het moeilijk, maar achteraf gezien heb ik er veel van geleerd. Het leukst vind ik de gezellige sfeer in de klas, zowel tijdens de lessen als in de pauzes.
Andere kunstacademies komen vaak zweverig over, de HKU niet. De HKU staat met twee benen op de grond. Bij de HKU krijg je veel vrijheid en word je niet één kant op geduwd. Natuurlijk krijg je feedback op je werk, maar wat je daar vervolgens mee doet, is aan jou.’