Het onderzoek van het lectoraat richt zich niet zozeer op theatrale producten, maar meer op de bestudering van concepten, modellen en verschijningsvormen van hoe theater gemaakt wordt en tot stand komt. Vanaf de start in 2006 wordt de nadruk op multidisciplinaire en intermediale theatrale maakprocessen gelegd. Hiermee sluit het onderzoek aan op ontwikkelingen in de hedendaagse beroepspraktijk. Met het onderzoek wil het lectoraat de theaterpraktijk zelf inspireren met nieuwe werkmethoden en een nieuw repertoire, het wil de deskundigheid van personeel bevorderen en nieuwe inzichten bieden waarmee het bachelor-, master- en PhD-onderwijs van de Faculteit Theater verder ontwikkeld kan worden.
Het lectoraat voert het onderzoek uit middels projecten die inzicht kunnen verschaffen in de maakstrategieën van theater dat primair rust op de uitwisseling, de confrontatie en de vermenging van disciplines en media. Het gaat daarbij steeds om practise based research. Zij onderzoeken de maakprocessen van onder andere muziektheater, beeldend locatietheater, performancetheater, improvisatietheater en virtueel theater. Verslaglegging van de projecten en literatuuronderzoek leiden tot een beschrijving van modellen en patronen hetgeen bijdraagt aan de theorievorming van de theatrale maakprocessen. De ontwikkelde theoretische kennis wordt omgezet in informatie, instructie en overdracht voor beginnende theatermakers, voor de theaterpraktijk en voor het theaterwetenschappelijke debat.
Het lectoraat volgde en onderzocht in de afgelopen jaren diverse professionele maakprocessen, onder andere van het internationale Youth Opera-festival, het theatergezelschap Els Inc., locatietheatervoorstellingen voor Oerol, het locatietheaterfestival in Norg en de Theater4daagse in Zwolle. De beschrijving gebeurt in de vorm van documentaires en werkboeken, waarin de maakprocessen worden benaderd vanuit de fases die het proces doormaakt en de onderdelen of ingrediënten waaruit het proces bestaat.
In samenwerking met uitgeverij International Theatre & Film Books zijn op deze wijze sinds 2007 zes boeken uitgegeven (Daniela Moosmann, ‘De toneelschrijver als theatermaker; over het schrijfproces van Gerardjan Rijnders, Arne Sierens, Adelheid Roosen, Jos Bours, Rob de Graaf, Oscar van Woensel, Rene Pollesch'; Nirav Christophe, ‘Het naakte schrijven; over de mythen van het schrijverschap'; Nirav Christophe, 'Writing in the Raw; The Myths of Writing', Mart-Jan Zegers, ‘Theater maken; Pragmatische theorieën'; Bart Dieho, 'Een voortdurend gesprek; De dialoog van de theaterdramaturg'; Nelly van der Geest & Carmelita Serkei, 'De brug is van niemand; over de kwaliteit van talentontwikkeling').
In samenwerking met het Instituut voor Re/presentatie van de Universiteit Utrecht draagt het lectoraat bij aan Theaterdramaturgie.bank, een online database van literatuur en materialen met betrekking tot de theaterdramaturgie. De onderzoeksbijdrage omvat het houden van gerichte interviews met productiedramaturgen, het observeren en rapporteren van theatrale maakprocessen en het compileren van dramaturgische dossiers.
Het Lectoraat Theatrale Maakprocessen wordt geleid door Nirav Christophe. Om de lector heen is een kenniskring geformeerd van kunstenaars, theatergezelschappen, theatervakdocenten en theaterwetenschappers op regionaal, nationaal en internationaal gebied.
Het lectoraat participeert in research conferenties, waarin op Europees niveau aan onderzoeksontwikkeling gewerkt wordt. Het lectoraat heeft een intensief contact met bachelor- en masteropleidingen in Europa op het gebied van schrijven, vanuit het specialisme van de lector. Zo zijn er nauwe relaties met de Universität der Künste (Berlijn), Dartington College of Arts (Falmouth) en RITS (Brussel).
Biografie Nirav Christophe
Kijk op tmp.hku.nl voor meer informatie over het Lectoraat Theatrale Maakprocessen.