Excellentie, voor de zekerheid heb ik toch maar even een tweede keer naar het Edison Klassiek Gala gekeken via Uitzending Gemist om mijzelf ervan te vergewissen dat ik echt gehoord en gezien had wat ik meende te hebben gehoord en gezien. Aan wat Daniel Barenboim gedacht moet hebben toen hij de Edison Oeuvreprijs 2011 uit uw handen ontving durf ik niet te denken. Waarschijnlijk was het iets in de trant van: 'Deze man heeft echt geen idee wie ik ben …' Uw openingszin sprak boekdelen: 'Dames en heren, toen mij werd verteld dat ik de Edison Klassiek Oeuvreprijs zou mogen overhandigen aan de heer Daniel Barenboim dacht ik meteen: heeft hij die niet al lang gehad?' U kon natuurlijk niet zeggen: 'Daniel Barenboim? Nooit van gehoord!' Toch schat ik op grond van wat volgde in dat dát de waarheid was.
Ik kan het me nu bijna niet meer voorstellen, maar er is een tijd geweest dat ministers en andere hoge staatsdienaren steevast werden aangesproken met 'excellentie'. Deze aanspreektitel zou toch enige mate van voortreffelijkheid mogen veronderstellen, enige kennis van en affiniteit met het departement waar men zetelt. Was een toenemende mate van gebrek aan voortreffelijkheid de aanleiding om deze aanspreekvorm af te schaffen of heeft het in onbruik raken van deze aanspreekvorm een toenemende mate van gebrek aan voortreffelijkheid in de hand gewerkt? Het gebrek aan excellentie dat u tentoonspreidde was werkelijk verbijsterend: 'U bent een groot artiest die al tientallen jaren tot de absolute wereldtop wordt gerekend.' (U excellentie, die bent aangesteld als hoeder van kunst en cultuur, denkt volgens de ondertitelaar in artiesten. Ik vrees dat hij daar wel eens gelijk in zou kunnen hebben.) Laten we even uw woorden langslopen: 'U hebt dan ook al drie keer een Edison gewonnen voor verschillende albums.' Excellentie, Rita Reys won vijf Edisons voor zij de Edison Oeuvreprijs kreeg en Chris Hinze mocht ook drie Edisons in ontvangst nemen. Kortom, ik heb nog niet kunnen ontdekken wat deze opmerking zegt over de specifieke grootheid van Daniel Barenboim.
Het plaatsvervangende schaamrood steeg me inmiddels naar de kaken. En toen zei u: 'Maar tot op heden had u nog niet de Oeuvreprijs gekregen. Die moest nog komen.' Excellentie, wat dacht u dat de heer Barenboim hier kwam doen? Een prijs ophalen die hij al heeft? De man kan zijn tijd echt wel beter besteden. 'Vanavond is het mij een eer en een genoegen om u de Edison Klassiek Oeuvreprijs te overhandigen.' Als ik het goed begrijp had de heer Barenboim het gisteren zonder uw eer en genoegen moeten doen en vanaf morgen ontbreken uw eer en genoegen wederom. Ofwel, Barenboim had mazzel dat hij uitgerekend vanavond ... 'Het is een klein beeldje dat heel zwaar is en ik geef het aan een groot artiest.’ Inderdaad excellentie, er bestaan blinde pianisten! En in dat geval is het verstandig om even te vertellen dat ze een klein heel zwaar beeldje in handen krijgen. Maar de man die voor u stond was niet Bert van den Brink, een veel bekroond jazzpianist, componist en arrangeur. Dat laatste vertel ik er voor de zekerheid maar even bij, want ik sluit niet uit dat u nog nooit van Bert van den Brink hebt gehoord. U stond oog in oog met Daniel Barenboim en die is bepaald niet blind. ‘Maar ik spreek namens iedereen hier en alle liefhebbers van klassieke muziek als ik u dank voor alle schoonheid die u ons geschonken heeft en nog schenkt.' Excellentie, dat gelooft de heer Barenboim natuurlijk nooit! Namens iedereen? Dat zou betekenen dat u uzelf meerekent. En dat zou ik maar niet doen. Uit uw woorden blijkt namelijk dat u geen flauw idee hebt van alle schoonheid die de heer Barenboim ons geschonken heeft.
De apotheose: 'Ik denk dat niemand deze prijs meer verdient dan u. Van harte.' U twijfelde blijkbaar nog. U dénkt dat er niemand is die deze prijs meer verdient dan Daniel Barenboim. Bij mijn weten zat u niet in de jury en derhalve dient u haar oordeel dan ook niet in twijfel te trekken. Waar bleef de opmerking over het feit dat Barenboim aan de wieg heeft gestaan van het Western-Eastern Divan Orchestra, een orkest van jonge Palestijnen, Arabieren en Israëli’s? En dat hij daarmee op bijzondere wijze heeft laten zien wat het maatschappelijke belang van muziek is omdat het 'Alle Menschen werden Brüder' zo letterlijk in praktijk wordt gebracht? Dom van me om zoiets te verwachten. Want u gelooft überhaupt niet in het maatschappelijk belang van kunst en cultuur. Ik schaam mij diep tegenover de heer Barenboim en heb dan ook de onbedwingbare behoefte om een Edison uit te reiken. Niet aan Barenboim maar aan u!
Waarde Excellentie, in deze column overhandig ik u op persoonlijke titel de 'Edison voor de Excellentie met het Grootste Gebrek aan Excellentie'. En ik weet zeker dat niemand deze prijs meer verdient dan u. Van harte!
Lambertha Souman is redactioneel medewerkster op de HKU. Daarnaast is zij tekstschrijver in de breedste zin van het woord (liedteksten, poëzie, artikelen, brochures, folders).
lambertha.souman@kmt.hku.nl